• paintings & mixed media

    Spring 2019
  • 1
  • Behind the scenes

    Why & how
  • 1

Language - Taal - Lingua

Mensen vragen me vaak hoe zo’n doek tot stand komt. Het meest eerlijke antwoord dat ik kon geven was: het ontstaat. Ik kan wel achteraf in grove lijnen schetsen wat ik heb gedaan. Zoals ik ook weet dat elk doek een aantal fasen kent.

Voordat ik aan een doek begin, zijn er weken, soms jaren aan voorafgegaan, waar het idee aan het rijpen is. Soms begint het met een droom, een doek van jaren geleden, een schets. Soms door een toevalligheid. Zoals “The Devil”, de kaart die ik trok bij een tarotsessie en waarna ik me erin ging verdiepen en schilderen, schetsen. Meerdere versies. Het leek een logische reactie na de iconen die ik enige tijd maakte. De aanleiding voor het tekenen van de Madonna was een serie dromen die meer dan 10 jaar geleden mij bij het ontwaken bij stonden.

Zoals je de slang onder je bed liever niet ziet, maar wel moet aankijken, erover moet praten, om te zorgen dat het niet een terugkomende nachtmerrie is.
Het zou vele jaren duren voordat het magische beeld van de Madonna en de duivel tot een geïntegreerd beeld leidde. Behalve Devil ontstond er een tweetal doeken over het vrouwelijke archetype waarvan de Madonna er één is. Bij laatste doeken is het de verf die steeds transparanter wordt opgebracht waardoor de vorige laag zichtbaar blijft en mee resoneert met de volgende laag, die ook in de geschiedenis rondom het vrouwbeeld jonger is dan de eerste.



Madonna, 2015


Terwijl de duivelse gedaante eerder een allegorie is van alles waar we dagelijks door verleid worden, het geld, de macht, eros, de nacht. De enorme vuurvogel die een centrale plaats inneemt op het doek is de vertegenwoordiger van het vuur van het instinct, het dierlijke, het deel in ons dat ons laat verleiden dingen te doen die goed voelen, maar niet perse goed zijn. De vorm is belangrijker dan de vogel zelf. Het staat voor mij ook symbool voor de dood van Pim Fortuin en Theo van Gogh. Mannen die door sommigen als duivels werden gezien maar wel, tegen de stroom in, hun nek uitstaken.


Dat zijn de gedachten die me bezighouden als ik bezig ben en me in een bepaalde stemming brengen om met bepaalde kleuren of materialen te werken. Dan ontstaat de sfeer die een bepaald onderwerp, een bepaald beeld oproept. Waardoor ik soms inkt gebruik en een andere keer acrylverf. In de Devil werk ik met pure pigmenten, olieverf, papier en pastel. 
Ook blijkt vaak achteraf dat ik bepaalde stukjes al had uitgescheurd omdat ik zeker wist dat ik ze ooit zou kunnen gebruiken. De hel breekt letterlijk los als ik een ‘stukje’ kwijt ben. Is het gevallen, is het weg? Het kan eruit zien alsof ik de stukjes die ik scheur en plak aselect bij elkaar heb gebracht. Maar niets is minder waar. Meestal is dat het enige stukje dat precies daar moest liggen.

The Devil 2015

Wanneer is een doek af, wordt mij vaak gevraagd. Als je zoals ik met concept, zonder concept, intuïtief en ad hoc te werk gaat, is het grootste gevaar dat ik te lang doorga.
De uitspraak van Picasso, een destructieve daad is een creatieve daad, is voor mij een belangrijke drijfveer en kan soms een vijand zijn. Ik zou aan een paar doeken een heel leven kunnen werken. Omdat ik telkens weer een nieuwe mogelijkheid zie. Ik weet dat ik in staat ben om een doek dat af is en voor de kijker een avontuur is, opnieuw te verbouwen en tot een compleet nieuw doek te maken, maar ik weet uit ervaring dat dit niet perse meer waarde heeft.